Peternoster
'Het leven is een groot feest, maar je moet wel zelf de slingers hangen....'

Maandagmail


Over de foto en zo
15 februari 2021

We gingen wandelen rondom de prachtig besneeuwde heide in de Staatsbossen van Sint Anthonis. En omdat het deze maand onwaarschijnlijk gesneeuwd heeft en we een winterse week uit vroeger tijden beleefden, moesten er foto's gemaakt worden.

Natuurlijk zijn daar de huidige mobieltjes prima geschikt voor. Helaas lukte een 'selfie' van ons tweeën samen toch niet zo denderend, totdat...

Een aardige meneer, die met een fototas om ook de heide voor zijn wandeling had uitgekozen, legde ons met zijn eigen camera voor eeuwig vast. Prachtige foto's...

Die aardige meneer uit ons verhaal hieronder en die de prachtige foto's maakte, is Aloys Thijsen uit St. Anthonis.

We zijn hem erg dankbaar voor zijn aardige geste!


van vezelfit tot Toos & Henk

Beste mensen van ÉgeWies,

Een carnavals maandagmail vandaag?
Ik weet het niet. Geen idee wat ik deze keer over een kwartier of half uurtje zal schrijven. Maar dat is wel vaker het geval en dan komt er toch weer iets, dat zich in het levenslicht laat zien.

Het was me overigens het weekje wel, afgelopen zeven dagen. Ik heb me niet al te veel buiten durven te vertonen. Hoewel, ik ben toch nog wel naar ‘de Môs’ geweest. Na twee weken was het weer mijn beurt. Niet dat ik daarop zat te wachten, maar vooruit. Met Valentijnsdag in het vooruitzicht en met de wetenschap, dat de bloemenwinkels hun deuren in de lockdown stand houden, ben ik dus toch maar naar de bakker gereden voor de gebruikelijke hoeveelheid vezelfit. Je wilt toch iets regelen voor zo’n liefdevolle dag, of niet?
Maar het was twee keer ‘helaas!’ dit keer.
Het eerste was vanwege Maria. Accordeona bedoel ik. Zij was er dit keer niet om haar weer met appeltaart naar huis te zien gaan. En het tweede ‘helaas’ was voor op Valentijnsdag; gisteren. We hebben namelijk géén vezelfit gegeten. Ik ben zonder het te weten met iets anders thuis gekomen dan vezelfit. Het leek er zelfs niet op, maar ik heb geen idee wat het dan wel was. Het enige wat ik weet is dat het zeker geen witte mik was… En het troost me, dat zelfs de bakkerin het ook niet geweten heeft.
Of toch? Was het misschien ‘vloerbrood’? Het was immers een beetje halfrond gebakken… Wilde ze misschien de vloer met me aanvegen?
Mijn Valentijn vond het toch wel erg diepvries lekker en daarom had ze voor mij ook een verrassing. Een boeket met tien van de mooiste rozen. Blijkbaar heeft ze toch een winkeldeur gevonden, waarvan de deur in een ‘unlockdown’ stand stond.
Prachtig oranjerood zijn ze! Een beetje van die verwaterde Mondriaan kleuren. En ze waren voor mij, want dat zei ze. Ik heb dus geprobeerd om er ook erg blij mee te zijn.

Wat een sneeuwvoorstelling hebben we gehad deze week. Ik vond het prachtig. Geweldig! Om er koud van te worden.
Ik ben snel begonnen met een inmiddels verroeste sneeuwschuiver om de oprit vrij te maken. Dat is me afgelopen week voor de helft gelukt. De oprit af, dat ging wel, maar weer terug erop, dat vereiste wat evenwichtsgevoel voor op de schuine wegkant. Binnen blijven was dus de boodschap en wachten op de gemeentelijke strooiambtenaren.
Een derde ‘helaas’ is hier helaas op zijn plaats. Ze hebben me alleen maar zout in de ogen gestrooid.
Maar begrijpen doe ik het wel en dat in tegenstelling met vele reacties in de Gelderlander, waarvoor ik deze week zoveel tijd had.
In Gennep – vanuit mijn maandagmail van vorige week weet je dat Gennep over de Maas in Limburg ligt – werd geklaagd en gemopperd op de gemeentelijke strooiwerkers, omdat ze niet genoeg hun best deden ’s nachts om de straten, nee, om hún straat, sneeuwvrij te maken. De nachten waren blijkbaar te kort om hún straat ook nog te doen. Wat een mentaliteit van over de Maas. Is dat nou een gevolg van het veel te korte lontje, dat de freule bij die Limburgers heeft aangemeten?
Van de andere kant; dat zal ons niet gebeuren. Brabantse nachten zijn lang…
Ook de Gelderlander brengt een Brabander niet van zijn stuk, zelfs niet als hij teveel tijd heeft om die krant te lezen, maar dat-ie vervolgens twee dagen lang niet bezorgd kan worden. Zelfs vandaag moet ik het, misschien vanwege mijn verijzelde oprit, weer zonder de cartoon van Toos & Henk doen.
En dan lees ik een paar dagen later, toen bezorger Chris weer sneeuwbestendig werd, bij de ingezonden brieven, dat Arnhemmer J.v.d. Spaa zich groen en geel in Constantia kleuren ergert en het vertikt om voor twee keer zijn laptop, tablet of mobiel te gebruiken. Omdat hij daarvoor niet gekozen heeft en veel liever zijn krantenbezorger vóór dag, dauw en sneeuwstorm zijn beide benen ziet breken. Maar wel pas, nadat bij hem de krant aan huis is gebracht. Wat een mentaliteit! Als een oproer kraaiende haan!
Gelukkig woont Arnhemmer J.v.d. Spaa over wel drie grote rivieren heen. Op zijn Brabants gezegd: Nondeju, laat hem maar kukelen, als-ie vandaag tevergeefs de krant weer uit zijn bus probeert te halen!

Gelukkig zijn er nog hele aardige mensen met lontjes, die lang genoeg zijn om iemand uit een wak in het veel te dunne ijs te trekken. Want dat was nodig afgelopen week. Mensen die klaar staan, ook al ligt de sneeuwdeken dubbeldik en blaast er een veel te schrale windkracht 7 oostenwind overheen. Iemand die zelfs de tijd neemt voor mij en voor mijn Valentijn…

Afgelopen donderdag. De sneeuw was uit de lucht, alleen op de grond lag nog wel wat. Héél wat zelfs! En de zon scheen aan een prachtig blauwe en wolkeloze hemel. De oostenwind was bekeerd tot een heerlijk zuidelijke bries.
Een stukje wandelen dan maar; de prachtige heide en Schotse Hooglanders zoeken in de Sintunnisse Staat.
Auto parkeren (je kunt beter niet te hard van de koude stapel lopen), handschoentjes aan, muts op en mobiele camera in de jaszak.
Heerlijk en prachtig. Een zon- en sneeuw overgoten heideveld zonder zichtbare heide, maar we wisten uiteraard wel waar die verscholen lag.
En inderdaad, in de verte stonden ze daar ook. We hebben een paar hooglanders gezien, waarschijnlijk net zo genietend als wij.
Fotootje hier en fotootje daar; nog mooier dan die nachtelijke foto van mijn straat na de avondklok van vorige week. Sneeuw en nog meer sneeuw, vol sporen van hazen of konijnen of misschien zelfs reeën of loopvogels, dwars over de heide heen gekronkeld. Onze égewieze fotografen zouden nog jaloerser gaan worden, dat is iets wat mij zeker lijkt.
En dus moest er ook maar eens een foto komen van ons tweeën, samen op de foto met de prachtige grote stille, maar ook witte heide achter ons. Een foto van 2021 op onze website als aanvulling van al die voorgaande jaren.
Laat ons dus maar eens een selfie proberen, je weet wel, zo’n moeilijke foto, waarop je moet lachen en knippen tegelijk en waarop je ook nog in de lens moet kijken, waarvan je niet weet waar die zit. En van de witte heide is dan zeker ook geen donder te zien.
Wat doe je dan als er toevallig een meneer komt aanwandelen met een grote fototas om zijn schouder? Juist ja!
‘Meneer, zou u misschien even een foto van ons tweeën willen maken, met ons mobieltje?’
En hij krijgt bijna tegelijk twee mobieltjes in zijn handen gedrukt…
Meneer zegt dat hij op zijn vrije dag ging wandelen om mooie foto’s te maken.
Nou, dachten wij, dan kan hij nu mooi de mooiste foto van de dag gaan maken nu. Misschien wel van het hele jaar zelfs…
Meneer was amateurfotograaf, maar met mobieltjes kon hij niet goed uit de weg. Ze reageerden te snel op zijn misschien niet al te mobiele vingers.
‘Wacht, ik ga mijn eigen toestel maar eens gebruiken en ik zal je mijn e-mailadres geven.’  
En de meneer pakte zijn camera met groothoeklens uit de fototas en dirigeerde ons precies vóór de zon, die extra haar best deed. En voordat ik kon denken dat het daardoor niks kon worden, flipperde de camera wel twintig keer en meer… Ik moest even terugdenken aan onze bruidsreportage van wel 45 jaar geleden op nagenoeg dezelfde plek in diezelfde Sintunnisse Staat.
Er bleef nog tijd over voor een kort praatje met de meneer, want er zou best een geslaagde foto tussen zitten. En het e-mailadres werd uitgewisseld.

Aloys komt uit St. Anthonis, bleek uit zijn e-mail later op de dag. Twee prachtige foto’s, waar wijzelf in elk geval wél erg over tevreden waren. Het hoefde immers ook geen bruidsreportage uit 1975 meer te worden…
Dankbaar hebben we Aloys bedankt en hem beloofd een foto op onze website te zetten en zijn naam daarbij te vermelden. En dat hebben we dan ook gedaan bij deze maandagmail die ook op onze site, samen met alle andere, te lezen is.

Ik kreeg meerdere e-mails deze week. En uit één van die e-mails bleek dat ik in mijn vorige maandagmail, ondanks mijn belofte geen kwats te zullen verkopen, tóch onzin geschreven had.
Frans, onze égewieze sik, stuurde me namelijk een foto van het Nederlands Kampioenschap Buutereden uit de late zeventiger jaren. Op de foto was de ‘juryvoorzitter’ te zien bij de bekendmaking van winnaar Harry Wolters. En op diezelfde foto was de sik zelf ook te zien, samen met zijn vrouw Thea.
Frans en Thea waren toen Prins Frans en Prinses Thea. Zij waren de belangrijkste blauw bloed gasten op dit Nederlandse Kampioenschap, belangrijker nog dan ene Ivo Niehe van de TROS.
En Frans leverde met zijn foto het bewijs van mijn geschreven onzin: niks zeventiger jaren, het was in 1981…

Er kwam ook een reactie van een gewaardeerd égewies lid - via via - mijn oren binnen. Ook zij had die TROSse verslaggever die Ivo was, ooit heel live gezien. (Vergeef me het Engelse woord live, maar het meer Nederlandse levend past in deze zin niet helemaal). En ze had dit als heel speciaal ervaren.

En dan tot slot een e-mailtje van onze gewaardeerde G.
G. was in 1981 ook aanwezig op het Buutekampioenschap. Hij joekste vóór aanvang van de tonpraoterswedstrijd samen met zijn andere Bergenecho’s over de herrie van de wachtende toeschouwers in de zaal heen.
G. ook wist me te vertellen dat Nederlands Kampioen Harry Wolters uit het Limburgse Herkenbosch kwam en hem ook tranen met tuiten deed lachen.
Met een buut als schutter van het schuttersgilde liep hij met een dubbelloops jachtgeweer rond, waarvan de kogels niet verder kwamen dan 7,5 meter… En die vogel, die vloog wel op 15 meter hoogte. En schutter Harry kwatste:
‘Ik zie die vogel… ik duw gauw twee kogels in mijn dubbele loop… ik zeg ’Hond houwd ’w koest’… ik leg aan… ik richt… en ik trek twee keer snel aan de trekker…
De vogel paft neer voor de hond z’ne bek…’
En dat alles in het sappige Limburgse dialect. Een grotere kampioenskwats was op dat moment niet denkbaar. Carnaval in optima forma

Maar de freule laat ons dit jaar heel anders carnaval vieren. Thuis in de warme woonkamer, dooiende sneeuw buiten, een optocht van jaren terug op de tv.
Ik kijk nog even naar een laatste e-mail van afgelopen week… Van Has ja, ook erg gewaardeerd natuurlijk.
‘Ik vier carnaval thuis’, vertelt zijn bericht en toont daarbij een foto van een lekker parelend ‘fleske bier’.

Laat ik dat vanmiddag ook maar eens doen! Samen met de Gelderlander op de tablet en met Toos & Henk, die door mijn alerte Valentijn de laatste rozen hebben misgelopen...
En jullie?
Geniet nog van twee fijne carnavalsdagen met erg veel snel dooiende sneeuw.

Tot wèrus, Alaaf! en blijf er gezond in geloven: we zien elkaar gauw!

Peter